Ben ik wel een grotestadsmens? Dat was de vraag die mij, ontworteld in Groningen en opnieuw geplant in Amsterdam, regelmatig bezighield. De zoete inval van de zomer had de vraag naar de achtergrond verdreven. Maar met het komen van de herfst, winter en kerst drong de vraag zich andermaal op. En het antwoord begon zich langzaamaan in mijn hoofd te vormen.