Het is crisis, da’s duidelijk. We zijn van de eerste schrik bekomen, en ook al moet volgens sommigen het ergste nog komen: het is tijd voor positivisme en een lach als remedie tegen de tranen. Wat dat betreft komt de lente als geroepen. Ik betwijfel ten zeerste of we de crisis het hoofd hadden kunnen bieden terwijl we gegeseld worden door een ouderwetse, grijze, rauwe Hollandse winter. Uiteraard zonder sneeuw.
Positivisme. Het sluipt er langzaam in de laatste weken. Eerst was daar die vreemde groep op LinkedIn: Iedereen Elke Dag Plezier. LinkedIn, dat haar bestaansrecht ontleent aan de zichzelf subtiel aan de wereld presenterende professional, moest ervoor waken niet door stilstand te worden ingehaald. Waar het de laatste weken over werk gaat, gaat het over de mindere kant daarvan. Ontslagen, weggesaneerde afdelingen, vacaturestops, noem maar op. En dus was daar ineens Iedereen Elke Dag Plezier. Met inmiddels bijna tienduizend leden wordt er lekker gek gediscussieerd over hoe je in het Grieks fijne dag zegt, of waarom we eigenlijk gewoon blij moeten zijn met de crisis. Voor cynici geen plaats, op Elke Dag Plezier.
En dat is een onvoorziene bijkomstigheid van de somberte die de crisis met zich meebrengt. Voor de cynicus is geen plek meer. Vele media vaarden er tot voor kort wel bij om een cynicus in de gelederen te hebben. Een meestal wat oudere man (nooit een vrouw) zat dan met gegroefde kop aan tafel om daar zijn met zuur omrande mening te geven over groot of klein nieuws.
En ze zijn er bekend mee geworden. Jan Mulder was de eerste. De manier waarop hij bij Barend & van Dorp aan tafel af en toe geweldig uit zijn slof kon schieten verontwaardigde, maar deed ook verlekkerd gniffelen. Kijk die gekke, zure Jan weer eens uitvallen. Als je geluk had, ging hij nog bijna een gast te lijf ook.
Dan is er nog Nico Dijkshoorn, die elke woensdag heerlijk cynisch mag komen dichten bij De Wereld Draait Door. Nico is een geval apart, want soms gooit hij er ineens dusdanig veel sentiment doorheen dat je hem bijna over zijn bol wilt aaien. Zoals toen hij vlak achter Henny Huisman zat, en zich tot wijlen zijn moeder richtte. “Mam, ik zit achter hem!”
Bijna aandoenlijk. En laten we Maarten van Rossum niet vergeten. De man die doorgaans vanachter een zweem van ogenschijnlijk intellect cynische aanvalletjes pleegt op wat er maar voorbij komt. Zélfs zijn geliefde Verenigde Staten moeten het soms ontgelden.
Maar gisteren, bij Studio Voetbal, zag ik in dat de cynicus op tv zijn langste tijd heeft gehad. Het wekelijkse borrelpraatprogramma had Hugo Borst, ook zo lekker cynisch, te gast. En toen Borst een cynische monoloog afstak over het Nederlands elftal, vond Jack het direct genoeg. Hugo was nog niet eens op stoom gekomen, en hij hoopte nog zo dat hij het weer even over Joris Matthijsen kon hebben. Joris is namelijk het eeuwige onderwerp van Hugo’s vilein. Maar zover liet Jack het niet komen.
Waar hij voorheen de kijkcijfers en Youtube-hits al voor zich zag als Hugo andermaal fulmineerde slechte trainers, ondermaatse voetballers en graaiende clubvoorzitters, trad Jack nu kordaat op. “Waarom zo cynisch?” Hugo wist het zelf ook niet.
Ik zeg het je: samen met graaiende bankiers, woekerpolissen, zelfverrijking en dikke bonussen gaat er door de crisis nog iets verloren. Positivisme, lachen en vrolijkheid worden het adagium en daardoor is de cynicus straks niet meer. Zouden we hem gaan missen?
Tags: crisis, cynisme, de wereld draait door, hugo borst, jack van gelder, jan mulder, nico dijkshoorn, studio voetbal