
Verschenen op:
ORKA
Je zou bijna denken dat alle IJslanders al in een bandje zitten, zoveel muziek komt er de laatste jaren van het eiland. Toch heeft Disa Sveinsdottir er nog een paar weten te vinden. Uit alle hoeken van de IJsland lijken ze bij elkaar gezocht: de houthakker met wollen muts en seriemoordernaarsbril achter de toetsen, de bouwvakker achter de toetsen, de student op de gitaar, de hipster op de bas en het stadse zuchtmeisje Disa achter de microfoon.
Hoe verschillend ze ook mogen lijken op het eerste gezicht, het klopt. Als zo’n kaleidoscoop die je vroeger had, die je rond moest draaien en dan vielen de steentjes in de mooiste patronen in elkaar: zo is het ook met Orka. De band weet precies op het juiste moment een tot dat moment voortkabbelend liedje een schop te verkopen met een opleving van de drums. En wanneer het op het podium een beetje dreigt in te zakken, begint de illustere toetsenist met een schroevendraaier op een glazen vaas te slaan. En op een blikje te raspen. En het klinkt nog ook!
Ook mooi: hoe de zangeres tijdens het zingen van een nummer in haar moedertaal twee flinke stukken kristal uit de zakjes van haar jurk pakt. In elke hand een. Gaat ze er geluid mee maken? Nee, na afloop van het nummer verdwijnen ze weer in de zakken. Misschien om het opzwieren van het jurkje tegen te gaan? Of zijn het gewoon geluksstenen?
THE TALLEST MAN ON EARTH
Door naar de USVA, voor The Tallest Man On Earth. Even denk ik dat we hier te maken hebben met een ietwat klein uitgevallen Mexicaan met sterke Wild West sympathieen. Kristian Mattson, de man achter, draagt een cowboy-overhemd en dito laarzen maar heeft een typisch Latijns-Amerikaans minisnorretje. En dan is ook meteen duidelijk dat de bandnaam enige ironie met zich meedraagt: Mattson is nog geen een meter zestig groot. Onrustig beweegt hij over het podium. Een nummertje spelen op de barkruk, een nummertje spelen op de verhoging achter podium. En dan tenslotte maar eentje gewoon op het podium. Mattson heeft een prachtig rauwe, raspende stem alsof hij zich kort voor het optreden nog tegoed heeft gedaan aan een paar emmers grind. Helemaal alleen houdt hij de site moeiteloos vast. Voor kleine honden die hard blaffen ben je tenslotte ook gewoon bang. Ze zouden zomaar kunnen gaan bijten.
KID BRITISH
Maar na een paar nummers wordt de trek van de hype toch te sterk. In De Spieghel speelt namelijk Kid British en Dat Moet Je Zien!, is mij verteld. Er wordt nogal druk gedaan over de band, die Madness als grootste invloed uitdraagt. En ja hoor, ik sta nog geen minuut in de bijna eng volle zaal en daar schalt een bijzonder lompe versie van ‘Our House’ door de speakers. Was dat niet een nummer van … ? Juist ja. Waarom ik dit moet zien is me niet helemaal duidelijk: ik zie vooral een lompe feestband die op het binnenplein van een sociale werkplaats in Greater Manchester ontstaan lijkt te zijn. Hier is werkelijk helemaal niets bijzonders, niets origineels aan. Als ik dan ook nog een sms-je waarin staat dat The Tallest Man On Earth zo ontzettend goed speelt, bekruipt me de spijt van een verkeerde keuze.
THE ASTEROIDS GALAXY TOUR
Dan maar snel door naar The Asteroids Galaxy Tour. Een nogal bont geheel, valt op. De bassist heeft door zo’n Russische bontmuts met flappen te combineren met een kek Oosters sjaaltje een soort tulband gemaakt en draagt hem met verve. De trompettist valt nog het best te omschrijven als een mix tussen Hakim van Sesamstraat, Lenny Kravitz en een pooier. Samen met de saxofonist lijkt hij zo weggelopen uit een film van het kaliber Dude, Where’s My Car? De melige glimlachen die ze elkaar toewerpen spreken boekdelen en als de trompettist dan eindelijk zijn bril afzet is het duidelijk: de coffeeshop is bezocht. Maar hoe samengeraapt, melig en stoned ze ook mogen zijn, maakt The Asteroids Galaxy Tour er wel een fantastisch feest van. Wat een hits heeft deze band op zak zeg. Belooft veel goeds voor de debuutplaat die in maart uitkomt.
Om half twee staan in Simplon halverwege de set van Pacific! maar de eerste twee rijen te dansen. Klopt, de zongebruinde melanchelectro van Pacific! leent zich ook niet voor een stevige dans, maar je ziet de zaal smachten naar meer. Pacific! geeft ze hun zin niet. Het schuifelt een beetje voort, is af en toe best dansbaar, maar om half twee ’s nachts is er natuurlijk maar een devies: dansen, hard dansen. Het lijkt erop dat het publiek nog even verder zoekt naar waar dat wel kan: ik loop door een halflege zaal naar buiten.
Originele link: http://3voor12.vpro.nl/artikelen/artikel/41286292